Onder de sneeuw - angst

Voetjes van een merel in de sneeuw als symbool voor verborgen angst

Angst en het mocht niet. Angst en het kon niet. Ze mochten het niet zien of merken. Alles werd bedekt onder een dikke, witte laag sneeuw. In het wit van de sneeuw: de kleine voetjes van een mereltje. Niemand zag het. Niemand kon het zien.

Niemand kon het voelen - en het was er toch. Als de zon scheen en we buiten speelden. Als we op vakantie waren. Als we gezellig aan tafel zaten. Angst was de achtergrond, het decor in een mist. Angst voor wat er zou gebeuren. Angst uit het verleden. Angst voor de ziekte die steeds terugkwam.

Positief zijn en lachen, altijd. Bezig blijven, telefoneren, chocola en wijn. Het goed doen en daarvoor waardering krijgen. Alles om ons weg te houden van wat eronder lag. Om het niet te hoeven voelen.

En ik voelde het toch - helemaal alleen. Overweldigend, in het donker van de nacht. Angst werd mijn grootste vijand. En er was een nog grotere vijand: paniek. Paniek en angst samen op een snel galopperend paard dat me steeds weer inhaalt en waarvan ik steeds weer schrik.

Ik probeerde alles om het onder controle te houden. Vanaf heel jong. Het lukte me niet. Uiteindelijk niet.

En nu loopt het witte paard naast me. Ik leer paardrijden in velden vol klaprozen en op koude bergtoppen. Ik galoppeer op zijn rug. Ik val. Ik kijk in zijn grote, bruine ogen. Ik voel zijn adem. Ik voel het leven. Het is heel stil - en het stormt.

De bomen vinden het niet erg.
De bergen ook niet.
De vogels zingen, zoals altijd.

Juli 2022

Vorige
Vorige

De patstelling - wanhoop

Volgende
Volgende

Leven - geluk